ABG Parochie

  • Vergroot lettergrootte
  • Standaard lettergrootte
  • Verklein lettergrootte
Home Archief

1 januari 2015, preek nieuwjaar

E-mail Afdrukken PDF

Normal 0 21 false false false NL X-NONE X-NONE /* Style Definitions */ table.MsoNormalTable {mso-style-name:Standaardtabel; mso-tstyle-rowband-size:0; mso-tstyle-colband-size:0; mso-style-noshow:yes; mso-style-priority:99; mso-style-parent:""; mso-padding-alt:0cm 5.4pt 0cm 5.4pt; mso-para-margin:0cm; mso-para-margin-bottom:.0001pt; mso-pagination:widow-orphan; font-size:10.0pt; font-family:"Times New Roman","serif";}

Preek op Nieuwjaar 2015

Zusters en broeders,

Velen van u hebben een kerststal staan. Die heb ik ook. Omdat de mijne kleine beeldjes heeft, is het niet moeilijk er een paar mee te nemen. Ik wilde vandaag namelijk stil staan bij die kerststal. Die staat toch nog in huis en we kunnen er af en toe naar kijken.

Met behulp van beeldjes uit de kerststal wil ik graag min verlangen en mijn wensen tot uitdrukking brengen. Laat ik maar beginnen met de dieren: de os, de ezel en een schaapje. De os en de ezel doen eigenlijk niets in de stal. Ze zijn aanwezig en ze geven warmte. Dat wilniet zeggen dat het geen harde werkers waren. De os heeft de boeren in het veld geholpen om te ploegen. De ezel heeft ongetwijfeld Maria gedragen. Ze was hoogzwanger en ze moest naar Bethlehem trekken. De os werkt hard,maar nu is er tijd voor rust. En die rust zoekt hij in de buurt van het kind Jezus.

Zou dat ons lukken: Er valt ontzettend veel te doen, ook in het nieuwe jaar. Maar wellicht kunnen we af en toe rust vinden bij de Heer.

In zekere zin geldt dat ook voor de ezel. Hij heeft ook hard gewerkt. Hij heeft Maria gedragen, die in verwachting was van Gods Zoon. Ik herinner me een gebed van een Joodse vrouw: Etty Hillesum. Zij bidt,dat God ons de gelegenheid geeft Hem te helpen, zodat Hij God kan zijn. Welnu, dat doet de ezel. Hij draagt Gods Zoon. Zou dat niet een taak voor ons zijn: Gods Zoon dragen, opdat Hij zijn heilzame werk kan doen?

En dan het schaapje. Ik ken veel mensen, die liever niet op een schaap willen lijken. Een schaap heeft iets onderdanigs. Hij kijkt de herder naar de ogen. Maar is het niet zo, dat een schaap wol geeft? Dat is in het koude jaargetijde heel belangrijk. Misschien moeten we af en toe een schaap zijn, om anderen warmte te geven. En natuurlijk mogen we wel iemand naar de ogen zien. Dat is de goede herder zelf. Hem naar de ogen zien, maakt ons vrij.

Dan heb ik hier een koning. Het is een zwarte koning. Er is nog geen discussie opgelaaid of er wel een zwarte koning zou mogen staan in de kerststal. Het wordt hoog tijd, dat die discussie ontstaat. Want hier is iemand met een hoge waardigheid, een koning. En hij is zwart. Soms denken we als witte of zwarte mensen, dat we minder zijn dan een ander. De zwarte koning herinnert ons er aan, dat we gelijken zijn, broeders en zusters van elkaar. Het is voor ons goed als we gevoelens van minderwaardigheid omzetten in trots en fierheid; We mogen er zijn, hoe we er ook uitzien. Koningen en priesters worden we genoemd omdat we gezien zijn door de Heer.

Ga ik te hard? Er zijn ook nog herders. Herders werden in die dagen niet erg hoog geacht. Dat was in de ogen van mensen, maar niet in de ogen van God. Hen werd de eer gegeven om als eerste de goede boodschap te horen van de geboorte van de Heer. Herders zijn belangrijk. Ze beschermen de schapen en brengen ze naar weiden waar genoeg te eten is. wij hebben zo’n herder. En we kunnen herders zijn voor elkaar. Uit het Evangelie van vandaag kunnen we trouwens opmaken, dat die herders geen kleine jongens zijn. Ze spreken met elkaar. En Maria luistert en bewaart het in haar hart. In mijn kerststal staat of hangt liever gezegd ook een gehandicapte herder. Ook mensen met een gebrek mogen er zijn en zijn waardevolle gasten bij de Heer.

Hij staat niet in alle kerststallen, maar in die van mij wel. Het is een pastoor. Hij staat met zijn handen in het haar, alsof hij het allemaal niet begrijpt. Eerlijk gezegd zou ik zelf iemand willen zijn, die de wijsheid nog lang niet in pacht heeft,maar steeds verwonderd staat over wat er te zien,te horen en te ervaren valt rond Hem die is geboren in een stal.

En dan Jozef. We weten dat hij aarzelde Maria tot vrouw te nemen. Maar nu is die aarzeling verdwenen. Hij staat daar,.soms knielt hij. Hij is vol van het geheim waarin hij een bescheiden maar belangrijke rol in mag vervullen. Hij is wachter en hoeder. Hij wacht op de dingen die komen gaan. Hij behoedt het kind en beschermt het, ook tegen de boze plannen van koning Herodes. En ongetwijfeld is hij het, die Jezus met zijn moeder meeneemt naar de tempel. Jezus moet besneden worden en krijgt een naam. Jezus zal hij heten. God redt.

En dan Maria. Zij neemt een ereplaats in in de stal. Zij heeft het kind ter wereld gebracht. Ze praat niet veel. Maar ze luistert. En ze bewaart alles wat ze hoort in haar hart en overweegt het bij zichzelf. Het is een belangrijke tijd voor Maria. Het is een tijd van stilte, van gebed, van luisteren en bidden. Het is een belangrijke tijd, want ze zal nog genoeg te verduren krijgen. Het zou mooi zijn, als we in de buurt kunnen zijn van Maria, om de dingen,die we horen, zien en beleven in ons hart te beleven.

Zusters en broeders, het zal niet lang meer duren, of we ruimen de kerststal weer op. Wellicht kunnen we een rol op ons nemen: die van Maria, Jozef, een herder, een zwarte koning, een schaap, een ezel of een os. Maar als dat te moeilijk voor ons is, dan kunnen we naar het Kind kijken en wellicht ons verlangen sterken om te zijn of te worden als dit Kind, dat geboren is tot heil, geluk en zegen voor velen.